Ik schreef al eerder enkele artikelen over mijn wandelende takken. Hoe meer ik over de soort die ik heb, extatosoma tiaratum, te weten kom, hoe interessanter ik ze vind. Hier vertelde ik al over de fascinerende overlevingsstrategie die ze gebruiken tijdens hun eerste levensdagen, maar vandaag ben ik terug enkele nieuwtjes over de soort te weten gekomen.
De mannetjes hebben op hun hoofd enkele knobbeltjes, maar nergens vind ik info over wat hun functie zou kunnen zijn.
Je kan terug op de foto’s klikken om ze uit te vergroten.

Bovenaanzicht:

Bij vrouwtjes vind je die knobbels niet.

De mannetjes scheiden wanneer ze zich bedreigd voelen een geur af, om hun aanvaller af te schrikken. De geur is niet hinderlijk voor mensen, ze doet eerder denken aan een vanille-aroma. Het kan dus zijn dat die knobbeltjes als geurknobbeltjes dienst doen. Een andere mogelijkheid is dat het een soort radar is, waarmee mannetjes vrouwtjes kunnen opsporen. Wanneer ik het antwoord weet, zal ik het zeker laten weten.
Iets anders dan. Blijkbaar heeft de soort die ik heb ook enkele varianten. Omdat ik nu wat met wetenschappelijke namen zal gooien is het schemaatje hieronder wel handig om in het oog te houden. Je hebt twee genera: het genus Extatosoma tiaratum, dat in Australië leeft en het genus Extatosoma popa, dat leeft in Nieuw-Guinea. Beide genera hebben een soort die bladeren imiteert en een soort die korstmos imiteert. Ik heb de Extatosoma tiaratum tiaratum, de gewone soort dus. De Bufoniumsoort is een groene variant, ontdekt in 1874. De soort in Nieuw-Guinea die bladeren imiteert, Extatosoma popa popa, is amper te onderscheiden van mijn soort.
Extatosoma tiaratum: (Australië)
Extatosoma tiaratum tiaratum (1826, imiteert bladeren)
Extatosoma tiaratum bufonium (1874, imiteert korstmos)
Extatosoma popa: (Nieuw-Guinea)
Extatosoma popa popa (1875, imiteert bladeren)
Extatosoma popa carlbergi (1993, imiteert korstmos)
De reden waarom ik dit hier allemaal zeg is vanwege de vierde soort: De Extatosoma popa carlbergi. Zoals je kan zien in het schema imiteert deze tak korstmossen en dat doet hij wonderbaarlijk goed.

Zou jij de tak zien zitten moest je er bijvoorbeeld langs wandelen? Ik niet…Misschien daarom dat de soort pas in 1993 ontdekt werd. Deze foto is trouwens een vrouwtje, de mannetjes zijn veel slanker, hebben minder stekels en functionele vleugels. Omdat ze erg zeldzaam zijn worden ze ook tegen serieuze prijzen verkocht.
Update (23-01-2009):
De knobbeltjes op het hoofd van een mannetje zijn ocelli, meerbepaald dorsale ocelli. Het zijn enkelvoudige ogen – in tegenstelling tot hun facetogen, die uit meerdere ‘ogen’ bestaan – die een beetje lijken op onze ogen. Alleen zijn ze minder ver ontwikkeld: De ocelli kunnen enkel onderscheid maken tussen licht en donker, ze kunnen geen vormen of kleuren waarnemen. De functie is niet echt duidelijk omdat het verschil tussen licht en donker kunnen zien niet echt een meerwaarde bied aan de hoogontwikkelde facetogen.
Heel wat insecten hebben deze dorsale ocelli, ook de vlieg hieronder.

Recente reacties